Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 62014TB0347

Zaak T-347/14: Beschikking van het Gerecht van 12 juli 2016 — Yanukovych/Raad („Beroep tot nietigverklaring — Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid — Beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Oekraïne — Bevriezing van tegoeden — Lijst van personen, entiteiten en lichamen waarvan de tegoeden en economische middelen zijn bevroren — Plaatsing van verzoekers naam op de lijst — Aanpassing van de conclusies — Overlijden van verzoeker — Niet-ontvankelijkheid — Bewijs van gegrondheid van de plaatsing op de lijst — Kennelijk gegrond beroep”)

PB C 335 van 12.9.2016, pp. 44–45 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

12.9.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 335/44


Beschikking van het Gerecht van 12 juli 2016 — Yanukovych/Raad

(Zaak T-347/14) (1)

((„Beroep tot nietigverklaring - Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid - Beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Oekraïne - Bevriezing van tegoeden - Lijst van personen, entiteiten en lichamen waarvan de tegoeden en economische middelen zijn bevroren - Plaatsing van verzoekers naam op de lijst - Aanpassing van de conclusies - Overlijden van verzoeker - Niet-ontvankelijkheid - Bewijs van gegrondheid van de plaatsing op de lijst - Kennelijk gegrond beroep”))

(2016/C 335/58)

Procestaal: Engels

Partijen

Verzoekende partij: Olga Stanislavivna Yanukovych, erfgename van Viktor Viktorovych Yanukovych (Kiev, Oekraïne) (vertegenwoordiger: T. Beazley, QC)

Verwerende partij: Raad van de Europese Unie (vertegenwoordigers: aanvankelijk E. Finnegan en J.-P. Hix, vervolgens J.-P. Hix en P. Mahnič Bruni, gemachtigden)

Interveniënte aan de zijde van verwerende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: S. Bartelt en D. Gauci, gemachtigden)

Voorwerp

Verzoek krachtens artikel 263 VWEU en strekkende tot nietigverklaring van, enerzijds, besluit 2014/119/GBVB van de Raad van 5 maart 2014 betreffende beperkende maatregelen tegen bepaalde personen, entiteiten en lichamen in het licht van de situatie in Oekraïne (PB 2014, L 66, blz. 26), zoals gewijzigd bij uitvoeringsbesluit 2014/216/GBVB van de Raad van 14 april 2014 tot uitvoering van besluit 2014/119/GBVB (PB 2014, L 111, blz. 91), en van verordening (EU) nr. 208/2014 van de Raad van 5 maart 2014 betreffende beperkende maatregelen tegen bepaalde personen, entiteiten en lichamen in het licht van de situatie in Oekraïne (PB 2014, L 66, blz. 1), zoals gewijzigd bij uitvoeringsverordening (EU) nr. 381/2014 van de Raad van 14 april 2014 tot uitvoering van verordening nr. 208/2014 (PB 2014, L 111, blz. 33), en, anderzijds, van besluit (GBVB) 2015/143 van de Raad van 29 januari 2015 tot wijziging van besluit 2014/119 (PB 2015, L 24, blz. 16), en van verordening (EU) 2015/138 van de Raad van 29 januari 2015 tot wijziging van verordening nr. 208/2014 (PB 2015, L. 24, blz. 1), alsook van besluit (GBVB) 2015/364 van de Raad van 5 maart 2015 tot wijziging van besluit 2014/119 (PB 2015, L 62, blz. 25) en van uitvoeringsverordening (EU) 2015/357 van de Raad van 5 maart 2015 tot uitvoering van verordening nr. 208/2014 (PB 2015, L 62, blz. 1), voor zover zij Viktorovych Yanukovych betreffen

Dictum

1)

Besluit 2014/119/GBVB van de Raad van 5 maart 2014 betreffende beperkende maatregelen tegen bepaalde personen, entiteiten en lichamen in het licht van de situatie in Oekraïne en verordening (EU) nr. 208/2014 van de Raad van 5 maart 2014 betreffende beperkende maatregelen tegen bepaalde personen, entiteiten en lichamen in het licht van de situatie in Oekraïne worden nietig verklaard, in hun oorspronkelijke versie, voor zover zij Viktor Viktorovych Yanukovych betreffen.

2)

Het beroep wordt verworpen voor het overige.

3)

De Raad van de Europese Unie wordt verwezen in zijn eigen kosten en in die van Olga Stanislavivna Yanukovych, als erfgename van Viktorovych Yanukovych, wat het in het verzoekschrift geformuleerde verzoek tot nietigverklaring betreft.

4)

Stanislavivna Yanukovych wordt, als erfgename van Viktorovych Yanukovych, verwezen in haar eigen kosten en in die van de Raad, wat het in de memorie houdende aanpassing geformuleerde verzoek tot nietigverklaring betreft.

5)

De Europese Commissie zal haar eigen kosten dragen.


(1)  PB C 253 van 4.8.2014.


Top