This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 62019CA0440
Case C-440/19 P: Judgment of the Court (Fourth Chamber) of 18 March 2021 — Pometon SpA v European Commission (Appeal — Agreements, decisions and concerted practices — European steel abrasives market — Participation in bilateral and multilateral contacts with the aim of coordinating prices throughout the European Economic Area (EEA) — ‘Hybrid’ procedure having led successively to the adoption of a settlement decision and a decision made under the ordinary procedure — Charter of Fundamental Rights of the European Union — Article 41 — Principle of impartiality of the European Commission — Article 48 — Presumption of innocence — Obligation to state reasons — Single and continuous infringement — Duration of the infringement — Equal treatment — Unlimited jurisdiction)
Zaak C-440/19 P: Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 18 maart 2021 — Pometon SpA/Europese Commissie (Hogere voorziening – Mededingingsregelingen – Europese markt van staalgrit voor staalstralen – Deelname aan bilaterale en multilaterale contacten met het oog op prijscoördinatie in de hele Europese Economische Ruimte – “Hybride” procedure die achtereenvolgens heeft geleid tot de vaststelling van een schikkingsbesluit en van een besluit na een gewone procedure – Handvest van de grondrechten van de Europese Unie – Artikel 41 – Verplichting van de Europese Commissie om onpartijdigheid te betrachten – Artikel 48 – Vermoeden van onschuld – Motiveringsplicht – Eén enkele voortdurende inbreuk – Duur van de inbreuk – Gelijke behandeling – Volledige rechtsmacht)
Zaak C-440/19 P: Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 18 maart 2021 — Pometon SpA/Europese Commissie (Hogere voorziening – Mededingingsregelingen – Europese markt van staalgrit voor staalstralen – Deelname aan bilaterale en multilaterale contacten met het oog op prijscoördinatie in de hele Europese Economische Ruimte – “Hybride” procedure die achtereenvolgens heeft geleid tot de vaststelling van een schikkingsbesluit en van een besluit na een gewone procedure – Handvest van de grondrechten van de Europese Unie – Artikel 41 – Verplichting van de Europese Commissie om onpartijdigheid te betrachten – Artikel 48 – Vermoeden van onschuld – Motiveringsplicht – Eén enkele voortdurende inbreuk – Duur van de inbreuk – Gelijke behandeling – Volledige rechtsmacht)
PB C 182 van 10.5.2021, pp. 6–7
(BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
10.5.2021 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 182/6 |
Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 18 maart 2021 — Pometon SpA/Europese Commissie
(Zaak C-440/19 P) (1)
(Hogere voorziening - Mededingingsregelingen - Europese markt van staalgrit voor staalstralen - Deelname aan bilaterale en multilaterale contacten met het oog op prijscoördinatie in de hele Europese Economische Ruimte - “Hybride” procedure die achtereenvolgens heeft geleid tot de vaststelling van een schikkingsbesluit en van een besluit na een gewone procedure - Handvest van de grondrechten van de Europese Unie - Artikel 41 - Verplichting van de Europese Commissie om onpartijdigheid te betrachten - Artikel 48 - Vermoeden van onschuld - Motiveringsplicht - Eén enkele voortdurende inbreuk - Duur van de inbreuk - Gelijke behandeling - Volledige rechtsmacht)
(2021/C 182/08)
Procestaal: Italiaans
Partijen
Rekwirante: Pometon SpA (vertegenwoordigers: E. Fabrizi, V. Veneziano en A. Molinaro, avvocati)
Andere partij in de procedure: Europese Commissie (vertegenwoordigers: aanvankelijk P. Rossi en T. Vecchi, vervolgens P. Rossi en C. Sjödin, gemachtigden)
Dictum
1) |
De punten 2 en 4 van het dictum van het arrest van het Gerecht van de Europese Unie van 28 maart 2019, Pometon/Commissie (T-433/16, EU:T:2019:201), worden vernietigd. |
2) |
De hogere voorziening wordt afgewezen voor het overige. |
3) |
Het bedrag van de geldboete die aan Pometon SpA is opgelegd bij artikel 2 van besluit C(2016) 3121 final van de Commissie van 25 mei 2016 inzake een procedure op grond van artikel 101 VWEU en artikel 53 van de EER-overeenkomst (Zaak AT.39792 — Staalgrit voor staalstralen), wordt vastgesteld op 2 633 895 EUR. |
4) |
Pometon SpA en de Europese Commissie zullen hun eigen kosten dragen die verband houden met zowel de procedure in hogere voorziening als de procedure in eerste aanleg. |