Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 62019CA0459

Zaak C-459/19: Arrest van het Hof (Vijfde kamer) van 17 maart 2021 (verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door de Upper Tribunal (Tax and Chancery Chamber) — Verenigd Koninkrijk) — The Commissioners for Her Majesty’s Revenue & Customs/Wellcome Trust Ltd [Prejudiciële verwijzing – Harmonisatie van de belastingwetgeving – Belasting over de toegevoegde waarde (btw) – Richtlijn 2006/112/EG – Artikelen 43 en 44 – Plaats van een dienst die wordt verricht voor een als zodanig handelende belastingplichtige – Plaats van beleggingsbeheersdiensten die voor een niet-economische beroepsactiviteit door een charitatieve organisatie worden afgenomen van buiten de Unie gevestigde dienstverrichters]

PB C 182 van 10.5.2021, pp. 7–7 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

10.5.2021   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 182/7


Arrest van het Hof (Vijfde kamer) van 17 maart 2021 (verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door de Upper Tribunal (Tax and Chancery Chamber) — Verenigd Koninkrijk) — The Commissioners for Her Majesty’s Revenue & Customs/Wellcome Trust Ltd

(Zaak C-459/19) (1)

(Prejudiciële verwijzing - Harmonisatie van de belastingwetgeving - Belasting over de toegevoegde waarde (btw) - Richtlijn 2006/112/EG - Artikelen 43 en 44 - Plaats van een dienst die wordt verricht voor een als zodanig handelende belastingplichtige - Plaats van beleggingsbeheersdiensten die voor een niet-economische beroepsactiviteit door een charitatieve organisatie worden afgenomen van buiten de Unie gevestigde dienstverrichters)

(2021/C 182/09)

Procestaal: Engels

Verwijzende rechter

Upper Tribunal (Tax and Chancery Chamber)

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partij: The Commissioners for Her Majesty’s Revenue & Customs

Verwerende partij: Wellcome Trust Ltd

Dictum

Artikel 44 van richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde, zoals gewijzigd bij richtlijn 2008/8/EG van de Raad van 12 februari 2008, moet aldus worden uitgelegd dat ingeval een belastingplichtige die beroepsmatig een niet-economische activiteit verricht, diensten afneemt ten behoeve van deze niet-economische activiteit, deze diensten moeten worden geacht te zijn verricht voor die belastingplichtige “als zodanig handelend” in de zin van dit artikel.


(1)  PB C 280 van 19.8.2019.


Top